Zaterdag 7 juni 2014.

Zaterdag 7 juni 2014.

We nemen afscheid van de buren en wensen ze een Bon Camino. Zelf moeten we terug naar Liancourt om weer op de St. Jacobsroute te komen. Lekker afdalen dus. Maar we weten ondertussen drommels goed dat de afdaalmedaille twee kanten heeft. Als we uitkomen in het centrum en de medaille omdraaien staat er in grote cijfers 10%. We weten genoeg, we moeten vol aan de bak. Het komt in de annalen als een van de zwaarste stukjes van deze fietstocht.
Rond het middaguur zijn we in Compiegne, steken de brug over de Oise over en fietsen een stuk over de boulevard met zijn prachtige platanen. In een buitenwijk stuurt Basje ons de bosjes in over een zeer slecht pad waaraan een soort Roma nederzetting is van vele caravan’s. Het laatste twintig meter moeten we ons lopend via een smal paadje door de bosjes wurmen om weer op de openbare weg te komen. Adieu, Allee des Nomade.
Na Compiegne fietsen we via de D130 het Foret de Laigue in, een lange rechte weg.
We rijden een zijweg voorbij en Joost die voorop fietst ziet op Basje dat we hierin hadden gemoeten. Hij roept: we zitten niet goed,en remt onmiddellijk fors af.
De gevolgen zijn desastreus. Wim kan Joost niet meer ontwijken, raakt zijn achterwiel, smakt half op het asfalt en schuift de berm in. Als we van de schrik bekomen zijn en de schade opnemen blijkt de knie van Wim behoorlijk beschadigd door het ruwe asfalt.

De knie

De knie

We maken de wond zo goed mogelijk schoon, ontsmetten de boel en leggen een noodverband aan. Gezien de aard van de verwonding lijkt het ons beter om een dokter te bezoeken. In de kleine dorpjes is niets te vinden. Bij het toeristenbureau in Shiry Ourscamp krijgen we het advies naar het hospitaal in Noyon te gaan. De stad ligt op onze route en de weg naar het hospitaal is goed aangegeven zodat we er linea recta heen rijden. We melden ons bij de afdeling urgence waar we de molen ingaan, de papiermolen wel te verstaan. Voorts moet Wim nog bewijzen dat hij Wim is. Dan moeten we wachten tot we aan de beurt zijn.
Als het zover is worden we door een eerste hulp verpleegkundige naar een behandelkamer geloodst. Ze spreekt redelijk goed Engels wat de conversatie een stuk gemakkelijker maakt. De wond wordt vakkundig schoongemaakt, en met een soort Betadine behandeld. Één en ander gaat, aan Wim te zien, niet geheel zonder pijn gepaard. Als de schoonmaak achter de rug is wordt de eerstehulparts erbij gehaald die de knie ook nog eens goed bekijkt en vervolgens het onderbeen in verschillende standen draait, duwt en trekt. Geen breuken of ander ongemak constateert hij. De knie wordt vervolgens in het verband gezet. Hiermee is de behandeling nog niet achter de rug. Moet er nog een tetanus injectie gezet worden? Omdat er maar moeizaam een druppeltje bloed uit de vingers geperst kan worden zijn twee testen nodig om te bepalen dat Wim zijn afweerniveau voor tetanus te laag is.
Nadat de spuit gezet is overhandigd de verpleegkundige ons nog een lijst waarop nogal wat items zijn aangevinkt. Met de lijst moeten we naar de farmacie die ons gaat voorzien van de nodige verbandmiddelen, pleisters, Betadine gel en pijnstillers. Het advies vanuit het hospitaal is om de wond vier maal per etmaal te behandelen. Met een grote plastic zak vol medische hulpmiddelen verlaten we de farmacie en dan te bedenken dat niet eens alles op voorraad was!
We rijden de stad uit en zetten koers naar het vier kilometer oostelijk gelegen Salency waar we op camping le Etang de Moulin de nacht gaan doorbrengen. Ondertussen hebben we contact met Lennart die met de auto onderweg is naar de camping. Hij is morgen op de thuisreis onze privé chauffeur.
Op de camping hebben zich ook twee teams geïnstalleerd die meedoen aan de Roparun, een estafetteloop van Parijs naar Rotterdam. We doen er ons voordeel mee en mogen een rol huishoudfolie van hen gebruiken zodat Wim van knie waterdicht kan verpakken voordat hij onder de douche gaat.
We koken zelf ons galgenmaal, deze keer voor drie personen. Voor de laatste keer in Frankrijk eten we ons lievelingstoetje, Riz au Lait saveur vanille. Slechts vijfhonderd gram per persoon, maar zóóóó lekker!

Dit bericht is geplaatst in Spanje 2014. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar Zaterdag 7 juni 2014.

  1. Gerard en Elly schreef:

    Hoi Joost en Wim, dat is even pech hebben op een van de laatste dagen. Gelukkig is het allemaal goed verzorgd, en hopelijk valt de pijn mee. Jullie hebben weer een prachtige tocht gehad, we hebben toch niks te veel gezegd. Veel natuur en leuke, behulpzame Spanjaarden, zo hebben wij dat in elk geval ervaren. Het zal weer even wennen zijn aan het ritme van alledag, maar jullie zijn weer een ervaring en een hoop verhalen rijker. Wij hebben genoten van de verslagen, met die speciale humor van jullie. Wel thuis en groetjes.

Reacties zijn gesloten.