Châtellerault – Château-Garnier: deel 1

Dinsdagochtend, de zon komt op in Châtellerault. Joost heeft niet zo goed geslapen; de treinen denderden langs de camping. Een TGV maakt niet zoveel lawaai, maar de zware goederentreinen die ’s nachts rijden maken een hoop kabaal. Bovendien was ’s morgens vroeg om een uur of 5 er een koekoek op tilt geslagen. “Verschrikkelijk.” Om 06:00 stond Joost op, Wim volgde een kwartiertje later. Om 08:00 zaten ze op de fiets, Bas fietste weer gezellig mee. Het opwarmertje voor de dag: in de eerste 15 km zitten er twee klimmen van 1,5 km, eentje met 8% en eentje 10%. Goede morgen!

Bij Saint-Georges-lès-Baillargeaux zien de drie het Futuroscope liggen vanaf de weg, indrukwekkend.
Het Futuroscope

Een paar kilometer verderop in Poitiers is het erg druk met autoverkeer. De broers moeten goed opletten om de juiste route te volgen. Zowel kijken in het boekje als op de weg valt niet mee, maar de drie fietsers weten uiteindelijk hun weg te vinden. Er zijn twee kerken hier: de Église Ste-Radegonde (daar geeft niemand thuis, helaas) en de Eglise Saint-Pierre. Daar afgestapt en gezocht naar een stempel. Eenmaal in de kerk zien de fietsers een man die grote passen maakt, waarschijnlijk is hij iets aan het opmeten door zijn stappen te tellen. De fietsers maken duidelijk wat ze komen doen: We zijn onderweg naar Santiago en willen graag een stempel in onze pelgrimspassen.” De man begrijpt wat ze bedoelen en gaat het bij de curie proberen te regelen. Het duurt even voor hij terug is. Hij komt terug met 2 stempels, zowel van deze kerk als van de kerk waar ze eerder voor een gesloten deur stonden. Er is wel een probleempje: de hand van de beste man schudt behoorlijk heen en weer, een combinatie van ouderdom en de zenuwen. Maar als doorgewinterde stempelvangers sturen de broers per stempel een beetje bij en helpen hem de stempel op het papiertje te drukken, binnen het daarvoor bestemde vakje.

De broers waren niet de enigen die een stempel wilden. Naast Bas, Joost en Wim stonden ook de Belgen in de rij voor een stempel. Maar omdat hij 2 verschillende stempels had, moest hij 10 keer stempelen. Eigenlijk was het iets teveel van het goede, de man was niet gewend om op één dag 10 stempels te moeten zetten. Gelukkig kwamen ze er samen wel uit.

De man vertelt veel over de twee kerken en het is wat lastig om te volgen. Gelukkig vertaalt Paul het een en ander, zodat voor iedereen duidelijk is wat de man wil overbrengen. Na het relaas over de églises gaat iedereen weer op pad.

Het middagmaal werd genuttigd in ‘Le Clerc’, een mega-supermarkt in een mega-shoppingcentrum. Het was er zo groot dat je er kon verdwalen. De broers konden moeilijk de kassa vinden. Eindelijk gevonden. Joost had bananen gekocht en gezocht naar een weegschaal, maar die leek afwezig. Misschien wegen ze het bij de kassa. Dat bleek niet het geval. De cassière begint in het Frans te ratelen, maar Joost heeft niet zoveel trek om weer een kilometer door de winkel te moeten lopen en houdt zich van de domme. “Je ne parle pas français” zegt hij met een sterk Nederlands toeristenaccent. Dan maar geen bananen.

Bas had ook bananen gekocht, ook niet afgewogen, maar daar werd meteen actie ondernomen door de cassière: Iemand van de winkel ging de bananen wegen. Zo kan het dus ook!

De mannen eten snel een pain au raisin, maar zijn lang in Poitiers geweest en willen nog wel een paar kilometers afleggen, dus stappen ze weer op de fiets. Het gaat echter veel op en neer en het is weer een echte hoha dag. Niet zo heftig als de eerdere hohadag, maar toch een hohadag. Met heel veel vals plat. De pain au raisin is snel verteerd.

Dit bericht is geplaatst in Frankrijk 2011. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.